“We zijn naar hier gekomen om te kunnen leven met hoop, liefde en vrede”

0

Een tijdje geleden wandelde Jalal Kafri samen met zijn vriend Jo ons kantoor in Mortsel binnen om een zoekertje te plaatsen voor zijn werk als kapper. Hun vriendelijkheid en oprechtheid vielen ons meteen op en we raakten met de mannen aan de praat. Jalal vertelde ons dat hij enkele jaren geleden uit Syrië naar België kwam samen met zijn echtgenote Carol en hun zoontje Elias, toen 6 maanden oud. Wij wilden graag meer weten en hij en Jo waren bereid om ons hun verhaal te doen.

Beste Jalal, wil je ons wat vertellen over je vertrek uit Syrië?

Jalal – “Wij woonden en werkten in Aleppo in Syrië. Ik had er een bekende kapperszaak en mijn vrouw Carol was lerares Engels. Zoals je weet heeft Aleppo heel erg geleden onder de oorlog. We waren bang en wilden niet meer in de oorlog leven en zijn daarom naar België gevlucht. Dat was in 2015. We zijn naar hier gekomen om hier te kunnen leven met hoop, liefde en vrede. We werden eerst gedurende 4 maanden opgevangen in een asielcentrum. Daarna zijn we eerst in Brussel gaan wonen en uiteindelijk zijn we in Antwerpen verzeild geraakt. In Antwerpen hebben we de eigenares van ons huis leren kennen die ons samen met haar moeder veel heeft geholpen.”

Hoe is het jullie tot nu toe vergaan in België?

Jalal – “Mijn vrouw sprak al goed Engels en zij is Nederlands gaan leren bij Linguapolis. Ikzelf sprak nog geen andere talen dan Arabisch en heb Nederlands geleerd via het CVO.

Ik wilde heel graag opnieuw aan de slag als kapper en heb samen met Jo geprobeerd om werk te vinden in die sector, maar dat lukte niet. Daarom ben ik de opleiding ‘keukenmedewerker’ gaan volgen via VDAB. Terwijl de opleiding liep, heb ik ook mijn rijbewijs gehaald. Ik heb mijn diploma behaald in juni en toen kon ik aan de slag bij RVT Rubens in Mortsel, maar jammer genoeg maar deeltijds. Om wat meer centjes te verdienen, heb ik toen ook een job aangenomen bij een brasserie. Daar kon ik tijdens de zomer hard en veel werken, maar toen de zomer op zijn einde liep, was daar steeds minder werk.

Dat zette me aan het denken en toen heb ik toch beslist om weer kapper te worden. Ik hou wel mijn job in het rusthuis, maar ik word zelfstandige in bijberoep. Ik ben samen met Jo naar een boekhouder gegaan en in oktober gaat mijn zaak “Kapper Elias” van start en ga ik bij mensen thuis weer haar knippen!”

Je hebt je zaak dus naar je zoontje vernoemd!

Jalal – “Dat klopt! Mijn beroep is niet alleen mijn geld: mijn beroep is ook mijn leven. Ik wil kapper zijn. Ik doe het al 20 jaar en ik wil het blijven doen. Daarom hebben we de zaak naar Elias genoemd: omdat hij ook ons leven is. We beschouwen het als een goed voorteken dat de zaak zijn naam heeft, omdat we zoveel van hem houden. Wij hopen kansen te krijgen zodat we hem later ook kansen kunnen geven.”

Jo – “Ik hoop van harte dat het mag lukken. Jalal is een goede kapper en ook een heel goede barbier!”

Jo, ben jij de officiële begeleider van Jalal?

Jo – “Ik heb zeker geen officiële bevoegdheid. Jalal noemt mij altijd graag ‘zijn begeleider’ (lacht), maar ik doe het eigenlijk gewoon uit mijn persoonlijke overtuiging. Ik ben gepensioneerd leraar en mijn echtgenote Veva en ik zijn ook actief bij de parochie in Mortsel. We doen ook nog ander vrijwilligerswerk en mensen zoals Jalal helpen wij heel graag. We kennen trouwens nog enkele andere gezinnen zoals zij in Mortsel.”

Hoe hebben jullie elkaar leren kennen?

Jo – “In het begin hadden Jalal en Carol heel weinig contact met andere Belgen. Ze spraken in feite alleen met werknemers bij officiële instanties zoals de VDAB en het OCMW.”

Jalal – “Wij zijn hier naar de kerk beginnen te gaan en daar hebben we aangegeven dat we graag meer mensen wilden leren kennen. Zo zijn we bij pastoor Tom Schellekens terechtgekomen en hij heeft ons dan weer in contact gebracht met Jo en Veva.”

Jo – “We zijn een keer op bezoek gegaan bij Jalal en Carol en we zijn daar toen met open armen ontvangen. Het klikte onmiddellijk en zo is de vriendschap gegroeid. Vooral tijdens het begin van dit jaar hebben we intens samengewerkt. We zijn samen op zoek gegaan naar werk, hebben hem geholpen bij zijn opleiding, hebben samen zijn cv geschreven en ik heb hem leren rijden – wat niet altijd even makkelijk was! (Ze lachen allebei.) Ondertussen waren we nog altijd aan het nadenken hoe we de kappersdroom van Jalal konden doen uitkomen. Via de parochie hebben we uiteindelijk ook een boekhouder gevonden die ons wilde helpen en zo heeft de zaak ‘kapper Elias’ uiteindelijk vorm gekregen.”

Jalal, wat zijn voor jou de grootste uitdagingen hier in België?

Jalal – “Vooral het lange wachten was voor ons heel frustrerend. We werkten in Syrië heel hard – ik vaak 12 uur per dag. We zijn ook naar België gekomen met het idee om snel Nederlands te leren, snel een rijbewijs te behalen, snel werk te vinden en snel een huis te kunnen kopen. We konden echt niet wachten om ons nieuwe leven te beginnen. Jammer genoeg werkt het zo allemaal niet. Door procedures en omstandigheden hebben we heel veel moeten wachten, terwijl we eigenlijk alleen maar vooruit willen.

Ik heb ook mijn klassieke rol als gezinshoofd niet kunnen opnemen zoals ik zou willen. In Syrië zorgde ik als man voor mijn gezin. Hier lukte dat niet en dat was heel frustrerend. Ik wil voor mijn vrouw en voor mijn kind kunnen zorgen. Doordat ik in het begin ook weinig of geen Nederlands sprak en geen werk had, was ik afgesloten van contact met andere mensen en dat vond ik heel erg moeilijk.”

Jo – “Ik denk dat het ook mentaal een heel grote aanpassing moet zijn naar de manier van leven en denken in België. Veel mensen willen vluchtelingen wel helpen en dat is fantastisch, maar aan de andere kant zijn wij Belgen uiteindelijk toch vaak op onszelf, met de deur dicht. Niet omdat we asociaal zijn, maar we houden blijkbaar toch meer van onze privacy en onze contacten lopen veel meer via regeltjes en afspraken.

Bij Syriërs is dat heel anders – zij leven met hun deur open en iedereen loopt bij buren, vrienden en familie binnen en buiten. In België kan je jezelf moeilijk inviteren bij iemand anders en daarom nodigen Jalal en Carol altijd zelf mensen uit bij hen thuis. Ook als je bij Jalal en Carol aankomt voor een snelle boodschap of zoiets, word je onvermijdelijk minstens uitgenodigd voor een kopje koffie en aan het einde van je bezoek heb je ook altijd nog iets gegeten. Je krijgt er altijd het lekkerste eten. Opmerkingen zoals “nee, ik heb geen tijd”, of “nee, ik heb al gegeten”, halen niets uit. Zo open en gastvrij dat die mensen zijn, ongelofelijk.”

Hoe voelen jullie je nu?

Jalal – “De eerste weken in België waren heel moeilijk, maar die zijn we stilletjesaan aan het vergeten. We zijn gelukkig nu en we zijn “goed bezig”, op werkvlak en met ons Nederlands. Mijn schoonouders wonen ondertussen vlak bij ons dankzij onze huisbazin die zo dichtbij een plek voor hen wist te vinden. Ook mijn eigen ouders wonen in België, in Kortrijk. Dat is een heel eind verder, natuurlijk, maar aan de andere kant ook heel dichtbij!

Met Elias gaat het ook goed – hij gaat nu naar de kleuterklas waar hij vlotjes Nederlands oppikt! Wij leren op dat vlak elke dag bij van hem! Ik spreek zelf ook nog Arabisch met hem en mijn vrouw spreekt vaak Engels tegen hem. Hij wordt dus eigenlijk in drie talen opgevoed en dat zal hem alleen maar slimmer maken.

Nu we ook beter Nederlands spreken, is het voor ons al veel makkelijker om contact te maken in België. Mensen zien dat we ons uiterste best doen en dat helpt. Ik wil ook een heleboel mensen bedanken voor wat ze allemaal voor ons gedaan hebben. Onze huisbazin, de mensen van de kerk en vooral Jo en Veva. Echt, oprecht, heel erg bedankt.”

Jo, je bent zichtbaar aangedaan.

Jo – “Wij helpen mensen zoals Jalal met veel plezier. Ze hebben het al moeilijk genoeg gehad. We krijgen er bovendien ook zoveel vriendschap en dankbaarheid voor terug. Nogmaals, dat is met veel plezier gedaan.

Carol was ginder lerares Engels en Jalal was een bekend kapper. Ze waren burgers met een bepaalde status. Dan komt de oorlog en heb je geen andere keuze dan vertrekken. Zo word je dan “de vluchteling” terwijl je aan de andere kant nog dezelfde mens blijft als vroeger, met je oude dromen. Plots moet je alles opnieuw opbouwen en dat is heel moeilijk.

Wij denken altijd maar: “wat zouden wij doen als we in Syrië aankwamen?” We kennen geen Arabisch, kennen de gewoontes daar niet, … Dan is alle hulp welkom. Je kan niet de hele wereld helpen, maar voor mensen die op onze weg komen, willen we doen wat we kunnen.”

Jalal, waar zie je jezelf over 10 jaar?

Jalal – “Dan is Elias al een tiener. Ik hoop dan voltijds kapper te zijn en een eigen huisje te hebben. Het belangrijkste voor mij is dat Elias trots kan zijn op mij en op zijn mama!”

Wat een ontroerend en tegelijk hoopgevend verhaal! Bedankt, Jalal en Jo!

Laat je Jalal graag je haar knippen? Contacteer hem voor een afspraak via 0465 15 31 53, kapperelias@gmail.com of Facebook/kapperelias.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here