Home Topics Interviews Valerie Del Re – Executive Director bij Greenpeace

Valerie Del Re – Executive Director bij Greenpeace

0
Valerie Del Re – Executive Director bij Greenpeace

De coronapandemie beheerste het voorbije halfjaar onze levens. Zo verdween die andere grote problematiek, het klimaat, even naar de achtergrond. Hoe staat het er ondertussen voor met ons huis, de aardbol? We spraken erover met Valerie Del Re, Executive Director bij Greenpeace Belgium.

Hoe bracht jouw loopbaan jou bij Greenpeace?

Ik ben altijd al maatschappelijk geëngageerd geweest. Mijn politieke roeping kwam op heel jonge leeftijd: toen ik 14 was, heb ik me al aangesloten bij een politieke jongerenbeweging. Ik heb dan ook Politieke wetenschappen gestudeerd in Engeland en Nederland. Daarna wilde ik graag heel snel in de actieve politiek en ben ik op het kabinet van Frank Vandenbroucke gaan werken als adviseur deeltijds kunstonderwijs. Zodra het kon, ben ik zelf opgekomen bij de verkiezingen en ik had het geluk meteen schepen voor sp.a te kunnen worden in Hasselt. Mijn bevoegdheden situeerden zich op gebieden als financiën en personeel, maar ook natuur, groen en openbaar domein en jeugd. Ondertussen ben ik twee jaar CEO bij Greenpeace.

Vanwaar je keuze voor Greenpeace?

Na 12 jaar politiek was ik klaar voor iets anders. Ondertussen had ik nog meer gestudeerd, omdat ik toen al de mogelijkheden buiten de politiek wilde verkennen – politiek is nu eenmaal geen makkelijke carrière. Ik heb wel altijd die drang ervaren om de wereld te veranderen en iets positiefs bij te dragen aan de maatschappij. Vanuit mijn bevoegdheid groen en openbaar domein was ik al betrokken geraakt bij alles wat met klimaat en natuur te maken had en ondertussen liet de klimaatactualiteit me natuurlijk ook niet onberoerd. Toen ik die job bij Greenpeace zag, dacht ik dan ook: “Dat is iets waarin ik mijn maatschappelijke engagement kwijt kan en waarvoor ik me de komende jaren wil inzetten.”

(lees verder onder de foto)

© Elodie Mertz – Greenpeace

Jullie komen uiteraard op voor natuur, biodiversiteit enzovoort, maar andere thema’s bij jullie zijn bijvoorbeeld gezondheid en vrede?

Welnu, de “vrede” zit natuurlijk in onze naam (lacht). Greenpeace is effectief geboren uit een antinucleaire vredesbeweging, die zich nadien ook de bescherming van walvissen heeft aangetrokken en zo gegroeid is naar een natuur- en klimaatorganisatie. Het pacifistische zit echt onze roots, in ons DNA. Dat we met zoveel verschillende thema’s bezig zijn, is ook omdat ons belangrijkste thema, de klimaatverandering, echt een multidimensionaal probleem is. Het gaat om het veranderen van de basis van ons systeem, van ons gedrag. Dat maakt dat we vandaag op heel veel verschillende fronten moeten strijden, van transport (beter openbaar vervoer, onze kilometers anders afleggen, …), tot transitie naar hernieuwbare energie, aanpassen van voedselpatronen, … We moeten alle dingen aanpakken die invloed hebben op CO2-uitstoot en andere broeikasgassen.

Hoe zien jullie die link tussen vrede en het klimaat precies?

Onze basiswaarde is sowieso dat we een harmonieus samenleven zien tussen mensen onderling en tussen mensen en hun omgeving. Tegelijk zien we dat heel veel conflicten ontstaan uit problemen die ook klimaatverandering veroorzaken. Zo zijn veel oorlogen bijvoorbeeld over olie gevoerd en heel veel thema’s van natuur en vrede zijn onmiskenbaar interlinked. We geloven bovendien ook dat wanneer mensen het goed hebben, dat zal helpen in de aanpak van de klimaatverandering. Wie het financieel comfortabel heeft, heeft meer ruimte vrij om milieuvriendelijke investeringen te doen, bijvoorbeeld. Daarom strijden we ook tegen armoede en sociale ongelijkheid. De laatste jaren werd soms wel eens geponeerd dat het beschermen van het klimaat tegen de belangen van arme mensen zou ingaan. Nochtans zijn vaak de systemen die armoede veroorzaken ook nefast voor het klimaat, denk maar aan de parasitaire multinationals die hun personeel hongerlonen uitbetalen en roofbouw plegen op onze grondstoffen. Daarom proberen we het probleem op een intersectionele manier aan te pakken.

Veel mensen kennen jullie natuurlijk van de grote acties met de iconische Rainbow Warrior enzovoort. Toch gebeurt er wellicht ook veel achter de schermen. Wat zijn tegenwoordig jullie belangrijkste methodes?

We werken op verschillende fronten, maar de mensen zien inderdaad het werk achter de schermen minder. We proberen onder andere doelstellingen te bepalen, beleidsvoorstellen te doen naar zowel politiek als bedrijfsleven en middenveldorganisaties.

Vaak is een combinatie van factoren nodig voor echt succes. Neem bijvoorbeeld Brussel. Daar hebben we samen met middenveldorganisaties, zoals Filter Café Filtré, een succesvolle campagne gevoerd rond schone lucht. We hebben toen het onderzoek naar de luchtkwaliteit in Brusselse scholen opgestart, dat later opgepikt werd door Pano en zo veel aandacht kreeg. Dat heeft in Brussel zowel bij de lokale als de federale verkiezingen geresulteerd in een heel krachtige beleidsverklaring over schone lucht en mobiliteit.

Ons vertrekpunt is trouwens altijd wetenschappelijk onderzoek. We hebben onze eigen science unit en we beroepen ons natuurlijk ook op universitair onderzoek. Bovendien doen we ook dieptestudies over bepaalde onderwerpen en onze schepen worden ingezet voor dataverzameling en studies ter plekke. Rond die wetenschappelijke basis bepalen we doelstellingen en dan zoeken we een manier om dat alles onder de aandacht te brengen. We gaan ook vaak praten met politici. Het is uiteraard niet altijd makkelijk om mensen te doen luisteren en daarom moeten we soms ook tot acties overgaan, steekacties om een bepaald bedrijf of een bepaalde politicus aan te spreken, maar ook acties om mensen te mobiliseren. Met dat laatste proberen we draagvlak te verzamelen voor onze ideeën, om daarmee druk te zetten op politieke spelers of hen draagvlak te geven als ze dezelfde dingen willen bereiken als wij. We proberen dus op verschillende knopjes tegelijk te drukken om resultaat te boeken.

Zorgt de aandacht die het klimaat in de actualiteit krijgt er ook voor dat jullie makkelijker voet aan de grond krijgen bij bedrijven en politici?

Ja, we hebben vandaag makkelijker toegang tot het politieke niveau. Als we vragen om een memorandum te mogen voorstellen bij een minister, dan zijn we meestal welkom, al wil dat nog niet zeggen dat ze ook echt naar ons luisteren. In België is het vandaag echt heel moeilijk, nu we al zolang zonder federale regering zitten. De verdeeldheid tussen de regio’s en het federale niveau is ook heel groot en het is vaak een potje naar elkaar wijzen en met bevoegdheden gooien. Daarom is het ook zo belangrijk voor ons om te werken met het middenveld en zo mensen te overtuigen om hun stem te laten horen.

Als we nog een kans willen maken om de opwarming onder de 1,5 graad te houden, dan moeten we tegen 2030 de CO2-uitstoot met 65% verlagen en tegen 2040 klimaatneutraal zijn. We moeten dus heel snel heel veel actie ondernemen en dat zie ik vandaag niet gebeuren, federaal niet en in Vlaanderen ook niet. In Wallonië en Brussel gaat het een stukje beter, maar we zijn er nog ver van verwijderd.

(lees verder onder de foto)

© Eric De Mildt – Greenpeace

Blijven jullie wel de indruk hebben dat er toch vooruitgang geboekt wordt?

Ja, zeker de laatste jaren is de bewustwording, zowel bij de bevolking als in het bedrijfsleven en de politiek heel erg toegenomen. De jongerenbeweging voor het klimaat heeft daarbij ook een grote rol gespeeld, maar er is nog heel veel werk. We moeten aan de slag met een ander economisch systeem. Momenteel is dat systeem gebaseerd op eeuwigdurende groei, terwijl we op een planeet wonen die niet mee groeit. Dat systeem moet dus echt drastisch veranderen. Niemand heeft het gouden recept hoe dat precies moet gebeuren, dus we hebben nog een lange weg af te leggen.

Kan je mensen een idee geven hoe die transitie er concreet zou kunnen uitzien, want voor die transitie heerst bij veel mensen nog angst?

Beeld je eens een stad met minder auto's in, dus ook minder lawaai en drukte en meer groen, meer plaats voor terrasjes, gezellige pleintjes, fiets- en wandelpaden en met een betere luchtkwaliteit … dat klinkt toch niet als iets waarvoor je bang moet zijn? Niet alleen qua levenskwaliteit kunnen we erop vooruitgaan, maar ook economisch hoeven we niks te vrezen. Europese studies hebben uitgewezen dat de overstap naar hernieuwbare energie heel veel jobs kan creëren, bijvoorbeeld in offshore windparken. Ook de circulaire economie: dingen hergebruiken en recycleren, moet een grote rol gaan spelen, maar er is ook technologie die ons helpt met nieuwe mobiliteitsoplossingen of efficiëntere energiebesteding.

We zullen ons er hoe dan ook van bewust moeten worden dat we anders moeten consumeren en leven. Veel mensen zien dat alsof er hen van alles wordt afgepakt, zoals vliegen of autorijden. Dat is zeker niet waar, maar anderzijds wil ik er toch op wijzen dat de manier waarop we ons leven hebben ingericht, ons niet altijd gelukkig heeft gemaakt. Er zijn nooit zoveel burn-outs geweest als nu. Misschien is een beetje bewuster leven met jezelf en met je omgeving wel de weg naar een beter leven. Toch zullen we zeker niet in houten hutjes moeten gaan wonen. (lacht)

Wat kunnen we zelf snel en/of makkelijk aanpakken?

Minder het vliegtuig nemen, ook minder vlees eten kan veel verschil maken. Industriële landbouw is verantwoordelijk voor een heel groot deel van de CO2-uitstoot, rechtstreeks en onrechtstreeks. Zo is veel dierenvoeding afkomstig van soja waarvoor in Zuid-Amerika veel regenwoud gekapt wordt. Verder zijn er zaken zoals je energiecontract omzetten naar een groen, hernieuwbare energiecontract en natuurlijk je kilometers beperken en zoveel mogelijk openbaar vervoer gebruiken.

We zijn heel blij als mensen op individueel niveau hun levensstijl willen aanpassen, maar als we de doelstellingen van Parijs willen halen, dan zullen individuele inspanningen ons maar voor 20% helpen. De andere 80% moet komen van collectieve inspanningen: industriële processen schoner maken, industriële landbouw afbouwen, … en daarbij komt nu eenmaal wetgeving en collectieve overeenkomst kijken. Ik wil de mensen dus zeker niet wijsmaken dat alles opgelost zal zijn als iedereen vegetariër wordt. Het is cruciaal dat mensen hun stem laten horen in het debat en dat ze stemmen op politici die die problematiek meenemen. Er zijn nog altijd mensen die het niet geloven of die denken dat we er toch niks meer aan kunnen doen, dus blijft ook activisme heel belangrijk.

Het viel me op dat jullie niet oproepen tot vegetarisme of veganisme, maar wel een oproep lanceren tot “minder en beter vlees”?

Vegetarisme en veganisme zijn natuurlijk heel goed voor het klimaat, maar vlees bannen hoeft niet, als we er minder van eten en als we kiezen voor vlees dat op een duurzame manier geproduceerd wordt. Dat betekent dieren houden in overeenstemming met de hoeveelheid lokale grond die er ter beschikking is. Denk bijvoorbeeld aan koeien die grazen op blijvend grasland waarop geen eten voor mensen geteeld kan worden, of kippen en varkens die alleen gevoed worden met restanten. Zo zullen we ook onze bevolking kunnen voeden, zonder aan overconsumptie te doen, zoals die vandaag nog altijd heerst. We zullen dus fors minder vlees- en zuivelproducten moeten eten.

Hoe kunnen mensen weten waar hun vlees vandaan komt?

Dat is inderdaad moeilijk. Het “vlees van bij ons” krijgt soja uit Zuid-Amerika te eten. Is dat nog lokaal? We willen een sterke EU-wetgeving die producten afkomstig uit ontbossing bant van de Europese markt, want het is niet aan de consument om dat uit te zoeken. Greenpeace probeert dat daarom aan de bron aan te pakken. Goed eten moet de norm worden, zodat we ons geen vragen meer hoeven te stellen.

Wat met tofu? Een goede vleesvervanger, maar soja is niet altijd milieuvriendelijk?

Het hangt er zoals met alle producten van af waar het precies vandaan komt en hoe het gekweekt wordt. Soja die in Zuid-Amerika wordt geproduceerd in enorme monocultuurvelden, met een groot gebruik van pesticiden en kunstmest, leidt tot massale ontbossing. Het is dan ook goed om te weten dat 95% van de in België gebruikte ruwe soja voor diervoeder is, slechts 3% is rechtstreeks voor menselijke consumptie, zoals voor tofu. Tofu (en soja) kan duurzaam worden geproduceerd, net als vlees en fruit en groenten. Kiezen voor lokale producten en seizoenproducten is een goede vuistregel.

Brengers van slecht nieuws krijgen vaak te maken met (verbale) agressie, denk maar aan Greta Thunberg. Jullie zijn internationaal een grote groep, hoe gaat dat voor jullie?

We krijgen inderdaad soms agressieve opmerkingen. Toch is dat een teken dat de boodschap wel overkomt. Wie geen tegenstanders heeft, heeft geen voorstanders. Wij proberen wel altijd om bruggen te bouwen, om inclusief te zijn en om zeker niet te polariseren. Als mensen kritisch zijn, gaan we zoveel mogelijk met hen in discours.

(lees verder onder de foto)

© Eric De Mildt – Greenpeace

Hoe is het om als vrouw CEO te zijn bij zo’n groot bedrijf?

Gender is een thema dat de laatste jaren heel erg leeft in de hele ngo-wereld. Niet alleen gender trouwens, maar ook diversiteit in het algemeen. Bij Greenpeace zijn we daarmee intensief bezig, niet alleen omdat dat politiek correct is, maar ook uit de overtuiging dat, als we onze thema’s ingang willen laten vinden in onze diverse maatschappij, we als bedrijf ook een afspiegeling moeten zijn van die maatschappij. In onze organisatie zijn er heel wat vrouwen aan het opklimmen naar leidinggevende posities. Ik ervaar dus weinig of geen problemen als vrouw in deze wereld. Ik kan je trouwens wel verzekeren dat Greenpeace een veel vriendelijkere en respectvollere omgeving is voor vrouwen dan de politiek. (lacht)

De laatste jaren zijn er bij andere ngo’s ook steeds meer vrouwen aan de top gekomen, kijk maar naar Els Hertogen bij 11.11.11, of Eva Smets bij Oxfam. We zijn als vrouwen met meer en meer en wij vinden elkaar ook heel makkelijk. Het is heel fijn om af en toe eens af te spreken en bij een glaasje wijn over onze gemeenschappelijke uitdagingen te praten.

Met welke raad voor onze lezers kunnen we dit gesprek besluiten?

Als ik één ding moet meegeven, is het vooral: het is nog niet te laat. Iedereen moet kijken hoe het voor hem of haar het beste uitkomt, maar actie ondernemen is het belangrijkste. Een petitie tekenen, op straat komen, wat dan ook … Laat je stem horen!

Dat zullen we doen! Veel succes!

Coverfoto: © Eric De Mildt – Greenpeace

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here