Tijd voor een nieuwe democratie – deel 1

0

“De democratie laat de passies de vrije loop en biedt geen plaats voor de deugd. – Plato

Het wordt bij elke verkiezing steeds duidelijker, en niet alleen in België, dat de polarisering toeneemt. Extreem gepositioneerde blokken maken het steeds moeilijker om succesvolle bestuurlijke meerderheden te vormen en het geloof in de politieke structuren staat onder druk. Nochtans is elke regering steeds meer met uitdagingen geconfronteerd die vragen om goed bestuur. De vergrijzing van de bevolking, de immigratie, de milieu- en klimaatuitdagingen; het is een indrukwekkende lijst.

Wat is er aan de hand? Is onze democratie niet het goede model?

Enkele observaties

  1. Elk menselijk systeem dat draait om het gebruik van macht, zal zichzelf op termijn vernietigen. Dat is goed voor de sociale evolutie, maar de crisissen vragen zoveel energie en ellende! Alle culturen die ooit een ‘hoge’ ontwikkelingsgraad hebben gekend, zijn later ook vervallen: China, Azteken, Egypte, Griekenland, het Romeinse Rijk, … zijn misschien wel inspirerende voorbeelden.
  2. Als je macht kunt krijgen door te praten, dan krijg je mooipraters aan de macht.
  3. Politieke partijen hebben de echte macht, maar worden nooit aansprakelijk gesteld. Macht zonder verantwoording leidt tot decadentie. Waarden en verantwoordelijkheid worden ondergeschikt aan eigenbelang – de macht verkrijgen.
  4. Als ‘ongrijpbare’ politieke partijen de machtsstructuur vormen, dan leidt dat tot toenemende polariteit in het systeem.
  5. Omdat politieke partijen naar stemmen hengelen, pakken ze uit met een programma dat op collectieve belangen en emoties inspeelt. Die eenzijdigheid is dan in beleidsvoering moeilijk vol te houden door de interne tegenstellingen in de regering, waardoor kiezers teleurgesteld worden. Halfbakken compromissen zijn immers het resultaat van polariteit.
  6. Als voor een regeringsvorming moet gezocht worden naar een meerderheid, dan geeft men opnieuw ruimte aan de dictatuur van de cijfers (meerderheid) en stimuleert men het gebruik van macht, met een grotere polariteit tot gevolg. Uiteraard gaat dat ten koste van de inhoud.
  7. Hoe meer de polariteit groeit, hoe minder de inhoud aan bod komt.
  8. Een regering met veel interne polariteit is gedoemd om compromissen te sluiten, een machts-gedreven combinatie van standpunten (het eens worden is dan belangrijker dan de kwaliteit van de oplossing) die niet werkt. Zichtbare impasse is het gevolg.
  9. Als de concurrentie voor de machtsposities groeit, wordt steeds meer ‘op de man’ gespeeld in plaats van ‘op de bal’. Daardoor verdwijnt het onderlinge vertrouwen, en wordt het steeds moeilijker om samen te werken. De polariteit groeit verder. Als er op de man gespeeld wordt, is het niet altijd duidelijk waar de bal is, en waar het doel is.
  10. Als de topmanagers van de politiek verkozen worden, dan wordt het een aantrekkelijke functie voor narcisten en manipulators. Populariteit is het belangrijkste criterium, en niet bestuurlijke bekwaamheid. Dat komt erop neer dat we de sympathiekste het stuur in handen geven en niet eens vragen of hij/zij wel een rijbewijs heeft.
  11. Als verkozen politici trouw moeten blijven aan hun partij en verkiezingsbeloften, dan kunnen zij de spagaat tussen partijtrouw en gezond verstand (hun opdracht, hun beloften) alleen overleven door praatjes, excuses, schuldigen zoeken en manipulatie.
  12. Als het beleid van een politieke meerderheid faalt, dan is er voldoende ruimte om de verantwoordelijkheid af te schuiven op de andere partijen. Met een goed verhaal, desnoods in de slachtofferrol, zijn dan weer kiezers te winnen. Een echte evaluatie is er niet, behalve bij flagrante miskleunen of onpopulaire maatregelen.
  13. Als de scheiding der machten ertoe leidt dat de rechterlijke macht een zelfsturend team wordt, dan zitten de ‘regelneven’ zonder leiderschap. Zichzelf in vraag stellen wordt dan dubbel moeilijk en het systeem loopt zichtbaar achter op de noden van de samenleving.
  14. De scheiding der machten was een poging om de macht van beleidsmakers te beperken. De vraag blijft wat er in de plaats gezet is om tot een goed resultaat te komen. ‘Verdeel en heers’ is verworden tot ‘verdeel en maak beleid onmogelijk’.
  15. Met kiesplicht wordt de kwaliteit van het beleid niet gediend, integendeel. Mensen met oppervlakkige en niet doordachte meningen, verleid door eigenbelang en de mooie praatjes, worden dan meer bepalend voor de richting. Met dat manipuleerbare ‘kies-vee’ worden eerder de partijbelangen gediend dan de kwaliteit van het beleid.
  16. Door de nieuwe media wordt het voor iedereen mogelijk om massaal aan “emotionele beïnvloeding” te doen, door foute informatie te verspreiden, zaken uit te vergroten en eenzijdig voor te stellen. Men creëert polariteit in de samenleving omwille van de honger naar macht. Die polariteit zet zich ook vast in de politieke partijen, die dan vervolgens samen een beleid moeten gaan voeren. Deze polariteiten worden steeds groter: binnen de bevolking, tussen de politieke partijen, tussen de politici persoonlijk, tussen hun beloften en hun realisaties, tussen de echte noden en het gevoerde beleid en niet in het minste: tussen de politiek en de bevolking. Wat was de idee van de democratie ook alweer?
  17. Als de zittende politici het systeem grondig moeten herdenken, zetten ze zichzelf buiten het spel. Wie de macht heeft, wil ze graag houden. Ze zijn bovendien meestal overtuigd dat het bestaande systeem het best mogelijke is (reductie van cognitieve dissonantie).
  18. Hetzelfde geldt voor de pers: die leeft van de sensatie die het gepolariseerde spel meebrengt, en zal het met plezier aanwakkeren.
  19. Zolang mensen in het bestaande systeem willen winnen, zijn ze minder geïnteresseerd in het systeem veranderen.
  20. Hoe meer de focus van beleidsmakers ligt op hun eigen machtspositie, hoe minder ze bezig zijn met hun opdracht.
  21. Hoe slechter het systeem werkt, hoe meer mensen zich afkeren van de politiek. Als ze dan (verplicht) gaan stemmen, kiezen ze daardoor meer voor hun eigenbelang op korte termijn. Het niveau van het spel verlaagt nog sneller.
  22. De democratie was bedoeld om het machtsmisbruik van dictators te breken en de noden van de bevolking meer te laten doorwegen om zo te komen tot de ontwikkeling van een samenleving in balans. De macht is verschoven van een enkel individu naar de macht van de cijfers, m.n. aantal stemmen. De macht is daarmee niet uit het systeem. Ze is even sterk aanwezig, maar diffuser, en daardoor slechts een onproductieve tussenstap naar iets dat beter werkt. Onze pijnlijke herinnering aan de dictatuur verhindert dikwijls dat we het huidig democratische systeem in vraag stellen.
  23. Als het politiek en ambtenarenapparaat intern verkaveld wordt volgens functies, dan wordt het traag, immobiel en ondoorzichtig. Projecten komen niet tot realisatie omdat het aantal betrokken bevoegdheden een soort ‘gekwadrateerde matrixorganisatie’ creëren. Er is altijd een excuus te vinden waarom iets niet kan. Het aantal bevoegdheden dat in een bepaalde problematiek moet meetellen, groeit steeds verder. De eenheid van denken is zoek.
  24. Hoe minder het politieke systeem in staat is om een antwoord te geven op de maatschappelijke problemen, hoe meer de politieke partijen garen spinnen bij extremisme, zowel links als rechts. Dat zet een vicieuze cirkel in gang van polarisatie, machtsstrijd en politieke vervreemding, waardoor het politieke niveau verlaagt, en het systeem zichzelf geleidelijk vernietigt. Verkiezingen gaan om het winnen van stemmen door extreme standpunten. Beleid gaat om het oplossen van problemen. De twee zaken laten doen door dezelfde mensen, is desastreus; ze creëren een systeemcrisis.
  25. Dezelfde dynamiek lijkt zich voor te doen in alle ‘democratieën’: de VS, het Verenigd Koninkrijk, alle Europese landen (verrechtsing).
  26. Conclusie: het wordt hoog tijd dat we leren uit onze fouten, en iets nieuws bouwen.

In een volgende deel lees je meer over mogelijke alternatieven.

Hugo Der Kinderen

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here