Kankercellen ontsnappen steeds weer

0

Kankercellen zijn niet zo slim als de mensen wel denken. Ze kunnen niet nadenken en bewust ontsnappingsroutes opzetten, maar ze lijken wél eindeloos gevarieerd en dat maakt het zo moeilijk om ze te bestrijden. Want zo ontsnappen er vaak een aantal en die gaan dan weer verder delen. Toch boeken we vooruitgang in deze strijd.

Ooit leefden we in de naïeve overtuiging dat kankercellen bijna allemaal identiek waren. Dat er ergens iets misliep met de controle over hun aangroei en dat ze hierdoor gingen woekeren. Dat we de sleutel op dat slot moesten vinden om ze te neutraliseren. De zaken zitten echter iets ingewikkelder in elkaar, maar de ware omvang van die complexiteit verrast ook vandaag nog menig wetenschapper.

Je kan de enorme verschillen binnen kankercellen vergelijken met de explosie van de biodiversiteit op aarde. Alle levensvormen zijn voortdurend aan evolutie onderhevig en wanneer een nieuwe eigenschap de kans op overleven en verspreiding vergroot, zie je dat ook gebeuren. Darwin noemde dit “the survival of the fittest”, het overleven van levensvormen die het beste aangepast zijn aan hun omgeving. Voor kankercellen betekent dat vooral ontsnappen aan de verdedigingsmechanismen van het lichaam en parasiteren op andere weefsels.

In het kankeronderzoek gaat meer dan 95% van de middelen naar het begrijpen en uitschakelen van de primaire of eerste tumor. Begrijpelijk, want indien we die in de kiem kunnen doodknijpen, vermijden we dat hij kan uitzaaien, maar vaak ontdekken we ze te laat en zijn ze al losgebroken, met fatale gevolgen. Zo’n 90% van alle kankerdoden overlijdt aan de gevolgen van uitgezaaide kanker. Het is bijgevolg belangrijk dat we meer aandacht aan dit proces besteden dan de arme 5% van de middelen die het nu krijgt.

Er is dringend nood aan behandelingen die specifiek op uitgezaaide kankercellen gericht zijn. Het lukt ons wel om ze tijdelijk samen met de primaire tumor stil te leggen en ze zelfs te doen krimpen, maar ook niet meer dan dat. Gelukkig weet men nu dat uitgezaaide kankercellen heel andere eigenschappen bezitten dan die van de moedertumor. Neem bijvoorbeeld de verpakking van het DNA in onze cellen. Normaal zit dit gevat in een strakke structuur met eiwitten, de chromatine, die alleen opengaat als er zich specifieke eiwitten op vastzetten, zoals een sleutel op een slot. De sleutels openen dan heel gericht een bepaald gen zodat de productie van eiwitten in de cel zeer nauw geregeld blijft. Bij uitgezaaide kankercellen evenwel blijkt de chromatine meer open te staan waardoor veel meer genen aangezet kunnen worden tot het produceren van allerhande eiwitten, wat bijdraagt tot het ontregelde gedrag van die cellen.

Een ander cruciaal stuk in de grote kankerpuzzel is de vraag waarom uitgezaaide kankercellen zolang ergens in het lichaam in een slaaptoestand kunnen zitten zonder dat ze opgespoord en vernietigd worden door afweercellen. Recent werd duidelijk dat hen dat lukt omdat ze veel gelijkenissen vertonen met een ander celtype dat eveneens heel lang in een slaaptoestand kan doorbrengen: de stamcellen! Stamcellen blokkeren hun activiteit tot er van buiten een prikkel komt, bijvoorbeeld omdat er nieuwe cellen nodig zijn voor het herstel van beschadigde weefsels. Wanneer kankercellen zich in een gelijkaardige slaaptoestand terugtrekken, maken zij gebruik van dezelfde mechanismen als stamcellen en worden zij onzichtbaar voor afweercellen. Pas wanneer zij beginnen te groeien, gaan ze weer opvallen.

Een ander spoor van verrassende vaststellingen is de omgeving waarin kankercellen zich ontwikkelen. Kankercellen ontstaan omdat er zich steeds meer fouten in onze erfelijke materie opstapelen met de leeftijd. Maar er is méér. Zo werd er recent aangetoond dat genetisch identieke kankercellen trager groeien in een celcultuur van jonge mensen dan in die van ouderen. Bij ouderen verspreiden ze zich ook nog eens sneller en dat kan mede verklaren waarom de vooruitzichten op genezing voor ouderen met kanker minder gunstig zijn dan voor jongeren. Er zijn al aanwijzingen voor mogelijk relevante eiwitten in dit proces die kankercellen bij ouderen misschien ook minder gevoelig maken voor behandeling zoals bleek in hetzelfde onderzoek. Bij 65-plussers waren de tumoren na behandeling met 25% gekrompen, maar bij de jongere groep was dat bijna 50%. De leefomgeving van de kankercellen heeft dus een invloed, wat betekent dat we met veel meer aspecten moeten rekening houden en veel verder moeten kijken dan naar de kankercellen op zichzelf.

Het lijkt allemaal misschien heel chaotisch, maar dat is het niet. Complex is het wél, maar de eiwitten die de wildgroei van kankercellen sturen, zijn geen vreemde stoffen. Vaak kennen we ze nog niet, maar het zijn stoffen die meestal ook een rol spelen in de normale celdeling en de organisatie van weefsels. Alleen is die werking bij kankercellen ontregeld. Door al die stoffen op te sporen en hun ontaarde gevolgen te blokkeren, zal het ons uiteindelijk misschien lukken om veel ontsnappingswegen van de kankercellen af te sluiten en hun aanwezigheid kenbaar te stellen voor ons afweersysteem, zodat ze uiteindelijk allemaal vernietigd zullen worden. Het zal vast en zeker veel werk vragen voor we zover zijn. Hoeveel weten we niet, maar we leren elke dag bij.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here