Hoe dankbaar zijn we vandaag?

0

We worden allemaal dagelijks omringd met vormen van troost, soms welgemeend en lavend, soms misplaatst volgens het principe van de ‘tutter’ (fopspeen). Vele mensen vinden troost in hun geloof (welk geloof dan ook) en bidden voor hun gelukzaligheid, het winnen van de Lotto of het welslagen van hun ondernemingen. Religies zijn al vele jaren een bron van troost. Door te leven volgens de religieuze wetten voelen mensen zich beter en meer gesteund in hun dagelijkse doen en zijn ze zelfs blind voor de nadelen en de schuldgevoelens waarmee sommige godsdiensten hun aanhangers opzadelen. In hoeverre worden onze eerlijke gebeden verhoord? Hoe dankbaar zijn we als onze gebeden ingewilligd worden?

Laat het duidelijk zijn: ik wil geen enkele geloofsovertuiging is diskrediet brengen. Ik ga ervan uit dat iedereen die leeft volgens de principes van zijn geloofsovertuiging, de facto een rechtschapen persoon is, ook al gaan wij niet allemaal altijd akkoord met het wensenpatroon van vele gelovigen.

Volgens onze principes van rechtvaardigheid is het bijvoorbeeld zeer moeilijk een geloof te verdedigen dat oproept tegenstanders te vermoorden. Er zijn in de loop van de geschiedenis vele oorlogen uitgevochten om tegenstanders van een bepaalde religie te bestrijden met dodelijke, uitroeiende intenties. Van de kruisvaarders die ten strijde trokken tegen de muzelmannen tot de extreme aanhangers van IS die vandaag van iedereen die een ander geloof (dan het hunne) belijdt, een vijand maakt die moet uitgeroeid worden.

Daarom doe ik een oproep voor meer menselijkheid en realisme en minder hypocrisie of geveinsde geloofsbelijdenis. Laat mij dit illustreren met enkele voorbeelden.

Bidden voor een parkeerplaats

Een man moet dringend naar een belangrijke afspraak, maar vindt niet onmiddellijk een parkeerplaats voor zijn wagen. Hij kruist de handen en bidt tot God en zegt: ‘Lieve Heer, kan je me helpen a.u.b. Kan je mij een parkeerplaatsje bezorgen, want anders kom ik te laat op mijn belangrijke afspraak.’

Op dat ogenblik verlaat een andere auto een parkeerplaats. De man spreekt opnieuw tot God en zegt: ‘Lieve God, laat maar, het is niet meer nodig’ en hij schuift zijn wagen op de vrijgekomen plaats.

Bidden voor een kleinkind dat dreigt te verdrinken

Een grootmoeder gaat met haar kleindochter naar het strand en laat toe dat het kind met de voetjes in het water speelt, op zoek naar schelpjes. Plots komt er een verschrikkelijke golf over het strand en neemt het kind mee.

De grootmoeder is in alle staten en bidt tot God en zegt: ‘God, alstublieft, zorg dat mijn kleindochter veilig terugkomt’, en maakt een kruisteken.

Plots komt er een nieuwe golf over het strand geraasd en spuwt de kleindochter veilig en wel uit op het strand.

De grootmoeder is blij, maar roept toch tot God: ‘God, zij had wel een petje op, hé!’

Troostend verkeerslicht

Alle verkeerslichten voor fietsers en voetgangers hebben tegenwoordig een drukknop die hen de indruk geeft dat ze de verkeerslichten in hun voordeel kunnen laten veranderen. De werkelijkheid is, dat het gewoon een zoethouder is, die enige tijd van de voetganger of fietser in beslag neemt en daardoor de wachttijd verkort.

Er zijn nog altijd mensen die denken dat verkeerslichten lukraak kunnen beïnvloed worden omdat één persoon graag sneller de weg zou willen oversteken. Er hebben verkeersdeskundigen en ingenieurs uren gewerkt om ervoor te zorgen dat verkeerslichten op elkaar afgestemd zijn zodat er minder files zouden zijn en het verkeer vlotter kan doorstromen. Toch zijn er nog altijd mensen die ervan overtuigd zijn dat zij met één druk op de knop heel dit systeem kunnen veranderen.

Zedenles

Wat leren ons deze drie voorbeelden? Dat dankbaarheid een zeldzaam verschijnsel geworden is. Dat mensen zich vaak – al dan niet bewust – naïef en/of hypocriet gedragen. Mensen hebben duidelijk zoethouders nodig. Denk eraan als je de volgende keer bidt (of smeekt) om de Lotto te mogen winnen.

Frank Blatt

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here