Zelfbeeld

0
Zelfbeeld

Spontaan creëer je een beeld van anderen. Je schat hen hoog of laag in, op basis van ervaringen en gevoelens: ontmoetingen, sympathie, vooroordelen, antipathie. Op die manier ontstaan vijand- en vriendschappen, relaties, kringen van gelijkgestemden. Best mogelijk dat een gesprek met één iemand je naar een beroepskeuze, studie, vrijetijdsbesteding of zelfs een relatie leidt. Evenzeer mogelijk dat je nooit met een sumoworstelaar zal kennismaken, met een bebaarde walvisvaarder of een getatoeëerde motard. Samen in dezelfde wereldse bokaal zwemmen zorgt dus voor ragfijne golfjes en stromingen die je een plaats toebedelen in je biotoop. Aantrekken of afstoten. Vergelijk het met magneten, gelijke en tegenovergestelde polen.

Waar komen onze beoordelingsnormen vandaan? Hoe kan het dat tweelingzussen uiteindelijk kiezen voor totaal verschillende partners? De ene zus zit ondertussen in een schaduwrijk hoekje te lezen en te puzzelen. De andere onderneemt enge expedities in de jungle van Nieuw-Guinea. Hoe kan dat? God mag het weten en de schepping is ondoorgrondelijk. Wat wel een rol speelt, is het zelfbeeld. Ervaringen bepalen je identiteit en je eigenwaarde. Vroege negatieve ervaringen genereren een laag zelfbeeld. Wie ooit overdreven kritisch of negatief benaderd werd, zal waarschijnlijk zo’n zelfconcept ontwikkelen. Als kind kan je het gevoel krijgen dat je niet goed genoeg bent. Je voldoet niet aan de soms onrealistische verwachtingen van je ouders en je omgeving. Iedereen heeft nood aan warmte, genegenheid, liefde en ook bevestiging en aanmoediging van de directe omgeving.

Dat lage zelfbeeld kan je in stand houden, maar je kan ook stappen zetten om het te ‘verbeteren’. Die stap ‘moet’ dan wel worden gezet. Mensen met een laag zelfbeeld vermijden die meestal. Een psychotherapeut kan je een zetje geven. Wat hij zal aanraden, stemt overeen met de lijstjes die circuleren in zelfhulpgroepen, maar die je ook eenvoudig op de koelkast kan hangen. Jammer genoeg bestaan ze vooral uit ‘doe-dit’- en ‘vermijd-dat’-zinnen. De psychotherapie lijdt een beetje aan directief taalgebruik, zoals bevelzinnen. Als je daarvoor gevoelig bent, hebben ze een averechts effect. De essentie bestaat uit een stap naar openheid, belangstelling en mildheid voor jezelf en anderen, waardoor je heksenkring doorbroken wordt. Wie uitdagingen ziet en daarop wil ingaan, legt contacten, krikt zijn dapperheid en eigenwaarde op en reduceert stress en eenzaamheid. Je ‘moet’ het willen en daadwerkelijke aanknopingspunten vinden. Bruuske overgangen zijn taboe en kleine succeservaringen zetten de deuren op een kier. “Ik ben toch niet de slechtste, saaiste, lelijkste, domste” en “Het lijkt wel of mensen mij een beetje aanvaarden en zelfs wat sympathiek vinden.”

De wijze lessen voor wie een laag zelfbeeld heeft, klinken als: “Zorg voor jezelf”, “Wees niet te kritisch voor jezelf en anderen”, “Breng tijd door met mensen die enthousiast en positief zijn”, “Maak opnieuw contact met iemand met wie je een onopgelost conflict hebt”. Daarbovenop tientallen andere adviezen om uit te breken en je zelfbeeld te versterken. Wij kijken hier wat wantrouwig tegenaan. Mensen met een ‘hoog’ of ‘sterk’ zelfbeeld dreigen in de richting te gaan van: aanstellers, tafelspringers, hysterici, aandachtstrekkers. Als we nu moeten kiezen tussen beide zelfbeelden …

Marc van Riel

“Het beeld dat je hebt van jezelf is de filter waardoor je naar de wereld kijkt” (changeofheart.nl)

Geen posts om weer te geven

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here